Klok met spreuk

Coronadagboek - dag 17

2 april 20205 minuten

We zitten in een 'intelligente lockdown' vanwege het coronavirus. De scholen zijn dicht, horeca is dicht en de meeste mensen werken thuis. Zo ook hier. Hoe gaat dat van dag tot dag? Ik hou een dagboek bij tijdens deze rare weken.

Woensdag 1 april 2020

Het is Paasvee vandaag. Een van de weinige overgebleven markten met levende dieren. Volgens de traditie stellen de boeren op Paasvee hun beste slachtkoeien (van die dikbillen) tentoon en kunnen slagerijen of rijke particulieren een beest uitzoeken, die dan geslacht wordt voor Pasen. Dat was vroeger. Tegenwoordig is Paasvee een vrije dag voor alle scholen in het centrum van Schagen, staan er nog altijd dikbilkoeien op de markt en harkt de horeca de omzet binnen waarvan ze kunnen bestaan. Ook dat was vroeger. Nu is de markt leeg. Voordeel: geen lallende dronken lui door de straat die vervolgens in de sloot voor ons huis kukelen. Oscar is wel vrij.

Het miezert buiten, een goede dag om binnen te zitten. Gisteravond kwam Sander mij nonchalant meedelen dat hij zich niet lekker voelde: rillerig, hoofdpijn. O, o, dacht ik en in gedachten was ik zijn begrafenis al aan het regelen, maar vanmorgen zat hij weer om 10 uur achter zijn laptop en was de rillerigheid en hoofdpijn weg. Oververmoeid, dacht hij zelf, want van thuiswerken ga je hárder werken. Dat is zo. Sander mist heel erg de ‘koffiehoekpraatjes’ met collega’s en de ontspannen gesprekken, waar meestal meer mooie dingen uitkomen dan uit geplande vergaderingen. Kortom, als je thuis werkt, heb je de neiging om maar door te gaan. 

Ik ben niet anders: die stapel vertalingen groeit. Ik kan ze niet eens onderbrengen bij noodlijdende andere zzp’ers, omdat elke vertaling in een vertaalprogramma wordt gemaakt en die programma’s zijn nogal prijzig. Vroeger had ik een licentie voor twee apparaten (lees: twee personen), maar ik weet niet of dat nu nog steeds zo werkt. En dan zou ik die collega’s nog helemaal moeten instrueren over het gebruik ervan. Nee, dat gaat niet. Ik neem na 9 april de rest van de maand vrij, denk ik. Help me onthouden.

Geknutselde hyacinten

De dag kabbelt voort, het miezert nog steeds en we hebben eergisteren de laatste aflevering van The Big Bang Theory gekeken, dus zoeken we een nieuwe serie. Tristan wil een lifestream van de makers van een game zien,  ik geloof dat het Paladins is, dus hij wil vandaag niet naar Star Trek Discovery kijken. Carmen wil A Letter to the King zien. Een brief voor de koning. Een serie naar het boek van Tonke Dragt. We kijken de eerste twee afleveringen. In de eerste zien we een bekende kop, hij speelt de vader van de hoofdrolspeler. Boromir, denk ik, maar nee, daar is hij te rustig voor. Wel in die hoek. In een scène waarin hij zijn zoon verdedigt, valt het kwartje: Faramir! We zoeken het op op IMDB en ja, het is hem. Spoiler alert: in aflevering twee gaat hij dood.
‘Tsja,’ zei ik, ‘ze hadden vast geen geld om hem langer in de serie te laten.’ De rest van de cast is vrij onbekend. Het is geen slechte serie overigens. Gewoon lekker kijken.

Om half 11 ’s avonds komt Tristan in zijn ogen wrijvend naar beneden.
‘Ik kan niet slapen.’
‘O.’ Ik leg mijn iPad opzij, waarop ik Vox aan het lezen was. ‘Hoe komt dat?’
‘Weet ik niet.’
‘Lag je na te denken?’
‘Ik heb gedroomd.’
‘Was het een nachtmerrie?’
‘Weet ik niet.’ Hij rommelt wat in de kastjes met mokken, pakt er uiteindelijk een en zet hem in de keuken. ‘Ik heb het opgeschreven, wil je het lezen?’
‘Ja hoor.’
‘Er staan nog wel spelfouten in.’
‘Daar kan ik wel overheen lezen.’
Hij gaat naar boven en komt terug met een schrift waarin hij zijn droom heeft opgeschreven. Iets met twee rassen of volken die hij X en Y heeft genoemd, omdat hij nog niet weet hoe ze heten. De X’en zijn sterk en willen de wereld waarop X en Y leven veroveren. De Y hebben telepathische vermogens en er is ook nog iets met gouden linten in een metafysisch deel, waar de Y wel en de X niet bij kunnen.
‘Ik wil er een verhaal van maken.’
‘Ja, moet je doen.’
‘Maar wil je me dan helpen? Jij hebt verstand van verhalen.’
Terwijl hij warme melk met anijs voor zichzelf maakt, bespreken we wat voor soort verhaal het moet worden. Ik hoor mezelf de adviezen van mijn schrijfcoach aan mijn zoon geven: ‘Je moet nadenken over de tien belangrijkste gebeurtenissen in het boek. Waar het begint en waar het naartoe moet.’
We bespreken de elementen die hij tot nu toe heeft. Zijn die linten belangrijk? Wat voor rol hebben ze? Waarom willen de X de wereld veroveren?
De melk is op en ik breng hem terug naar bed. ‘Dromen zijn goed materiaal voor verhalen, want die komen diep uit jezelf en vaak werkt dat het beste.’
Dikke glimlach.

Delen op FaceBook Delen op LinkedIn Delen op Twitter