Etymologisch woordenboek plus letter H

De Woordenspuwer: henri-quatre

31 december 2019 10 - 15 minuten

Dit is aflevering 8. Wat is dat nou weer, een 'henri-quatre'? Dat vroeg ik me ook af toen ik het las en vreesde een generatiekloof. Er is iets meer aan de hand...

De man en zijn baard
De henri-quatre is een ‘korte puntbaard, zoals Hendrik IV (1553-1610) die droeg’ volgens mijn Van Dale, dertiende editie. Ik kwam het woord ook tegen in het boekje Allemaal woorden van Ewoud Sanders. Er blijkt een hele geschiedenis aan vast te hangen, wat meteen de etymologie van het woord is. Het is duidelijk een eponiem.

Een samenvatting: Hendrik IV was in 1584 de wettelijke Franse troonopvolger, maar werd geweigerd omdat hij protestants was. Dit resulteerde uiteindelijk in de Drie-Hendriken-oorlog, die Hendrik IV won. Omdat Frankrijk nog steeds tegenwerkte, bekeerde hij zich maar tot het katholicisme (ook onder druk van zijn minnares Gabrielle d’Estrées). Hij hervormde gelijk het hele land en gaf de protestantse

woordwolk H

hugenoten godsdienstvrijheid. In 1610 werd hij vermoord, al bleef hij uiterst populair en dat werd in de 18e eeuw in het extreme doorgevoerd. Er kwamen lofdichten, blijspelen en de mode richtte zich helemaal op hem. Ook zwerft zijn hoofd nog ergens rond (echt waar!) als relikwie. Er werden henri-quatrekostuums gedragen: een mantel met veel gekleurde linten en pluimen, henri-quatreschoenen met henri-quatre gespen en dus henri-quatrebaarden.

Het verbasterde woord arikater herinnert nog aan hem en slaat op de ‘enigszins gebogen, zilveren schoengesp’. En wat is nou het frappante? Hendrik IV droeg zelf helemaal geen mantels met linten, schoengespen, laat staan een korte puntbaard. Zijn baard was rond, halflang en liet de wangen vrij. Een hype van jewelste, dus!

Een kast vol eigenaardigheden
Er zijn wel meer van dit soort verhalen over mode te vinden. Ik heb nog een paar opmerkelijke voor je verzameld.

De sjaal
De etymologen denken dat de sjaal, van het Perzische s(h)âl, een geoniem is, een woord afgeleid van een stad of land. In dit geval baseren ze zich op de verslagen van Ibn Battoeta die in de 14e eeuw leefde en in de stad Shaliat de stoffen prees “die haar naam dragen”. Ewoud Sanders zegt in Allemaal woorden en het Geoniemenwoordenboek dat het iets ingewikkelder is, want de plaats is nooit achterhaald. Volgens Sanders maakte Battoeta een vergissing en bedoelde hij Saliya, dat ‘weversgemeenschap’ betekent (van het Sanskriet shalika ‘wever’). Volgens etymologiebank.nl ligt de stad bij het huidige Beypore (India). Beide plausibele verklaringen.

De pantalon
Pantalon was een personage uit de commedia dell’arte en ging altijd gehuld in een lange broek, die zijn aanzien zou moeten vergroten. Pantalon was een dubieuze figuur, uit op geld of achter de vrouwen aan, een jacht die steevast in een fiasco eindigde.
De broek en zeker de lange broek heeft jarenlang onder dit imago geleden; de broek was lange tijd verboden, nu is nog een wet in Frankrijk van kracht waarin staat dat vrouwen geen broek mogen dragen.

De muts en de bef
Moesjta is Perzisch voor ‘een mantel met lange mouwen’ en baafta betekende ‘textiel’. Via het Arabische almutse en beffe kwamen de woorden in onze regionen terecht en wel in de kerkelijke rituelen. Destijds was beffe een synoniem voor almutse en betrof een 'schoudermantel met kap'. Omdat het hoofd tijdens de kerkdiensten vaak ontbloot moest worden, werd de mantel in tweeën gesplitst: de muts werd de kap en de bef was de rest van de mantel.

„ henri-quatre ”

De bikini
Het tweedelige badpak kwam in de tweede helft van de 20e eeuw in de mode, maar heeft al Minoïsche voorgangers van 1600 voor Christus. Toch komt de naam niet van de oude dragers ervan, maar van een aantal atoomproeven die de Amerikanen in Bikini hielden in 1945 en 1946.
In 1946 toonden twee Franse modeontwerpers het tweedelige badpak op een modeshow, de eerste (Jacques Heim) noemde het badpak Atome, de tweede (Louis Réard) bikini. Zijn reden: bi is twee en het ontwerp zal inslaan als een bom. Pas in 1952 kwam het woord in het Nederlands terecht.

De garderobe en het knaapje
Al die kledingstukken hang of leg je in een garderobe. Dit is een Frans woord dat bestaat uit twee Germaanse: garde en robe. Garder komt van het Frankische wardon, waar je ‘waarder’ in kunt herkennen: deurwaarder komt ook van dit woord. In het Middelnederlands heette de kast of de plek nog een warderobe en is onder invloed van het Noord-Frans garderobe geworden.

In de kast hangen kledingstukken aan hangertjes of knaapjes. Vanaf de 10e eeuw hebben we het woord knapo ‘dienaar, knecht’ in de Nederlandse taal, dat wil zeggen, toen is het in de schriftelijke bronnen gevonden. Varianten van het woord zijn knabo, cnafa, knappo en er bestaat een Proto-Germaans verkleinwoord knabil dat ‘dwarshout, dikke houten stok’ betekent. Vaak werden kleine, gedrongen mensen ironisch zo genoemd. Het kan zijn dat in de loop van de tijd de associatie van de knapo ‘knecht, dienaar’ en het oerwoord voor dikke stok het woord knaapje heeft opgeleverd in de betekenis van kleerhanger.
 
Bronnen:
Allemaal woorden - Ewoud Sanders
Hendrik IV
Arikater
Sjaal/shawl
Geoniemenwoordenboek - Ewoud Sanders
Pantalon
Geschiedenis van de pantalon
Broek
Muts
Etymologie - Marlies Philippa
Bikini
Garderobe
Lustwoorden - Marlies Philippa
Knaapje

Delen op FaceBook Delen op LinkedIn Delen op Twitter